#Nieuws & Actualiteiten

Europees Parlement en regio’s strijden hand in hand voor het beleid, ook in uw regio.

door Koos van Houdt

Leidende foto: Even terug naar Friesland, naar de haven van Sneek, een stad in een bijzondere provincie en dito regio in Nederland © Peter-Vincent Schuld

Vorige week een heldere stellingname van gedeputeerde Sijbe Knol namens de provincie Friesland op LinkedIn. Tijdens overleg met Raffaele Fitto, binnen de Europese Commissie verantwoordelijk voor het regionale beleid, heeft hij de rol van de regionale overheden bij de verdeling van de Europese regionale middelen vanaf 2028 onderstreept.

Knol zal met belangstelling volgen wat het Europees Parlement daarover woensdag vastlegt in de eigen resolutie voor de onderhandelingen over de Financiële Meerjarenbegroting 2028-2034. Het ontwerp daarvoor is vorige week in de parlementaire commissie voor de begroting vastgesteld. Woensdag is die tekst in plenaire zitting, al dan niet gewijzigd, vastgesteld.

Een voorbeeld van regionale diversiteit België : De rand van Brussel, met eigen verkeersregels voor Wallonië in een taalbetwist gebied te Waterloo.

Foto: © Peter-Vincent Schuld

Wallonië, een regio in België die voor verdeeldheid zorgt in eigen land

Maar het is vrijwel zeker dat de Nederlandse provincies, inclusief Friesland, in het Europees Parlement een bondgenoot vinden in de strijd voor behoud van de positie van regionale overheden. Dat is overigens niet echt verrassend. Kenners weten al heel lang dat leden van het Europees Parlement weten waar ze regionaal zijn verkozen.

Waarover gaat het? De Europese Commissie diende vorig jaar juli het alomvattende voorstel voor de nieuwe meerjarenbegroting in. Daarin is een wijziging voorgesteld van de wijze waarop wordt beslist over regionale arrangementen en financieringen. Het is een soort van ‘renationalisering’ van de verdeling van Europese subsidies. Dit raakt een lidstaat als Nederland stevig.

Politiek Den Haag doet alsof ons land een eenheidsstaat is. De praktijk van rechtstreekse contacten en onderhandelingen tussen Commissie en Nederlandse regionale overheden over het Europese regionale beleid vormt daarom een doorn in het nationale oog. De controverse gaat terug tot de onderhandelingen eind jaren tachtig over de zogenaamde Europese Eenvormige Acte (‘Acte Unique’). Daarin werd de basis gelegd voor invoering van de Europese interne markt in 1993.

In die onderhandelingen kregen eenheidsstaat Frankrijk en de toen nieuwe lidstaat Spanje (zeer decentraal georganiseerd) opdracht een compromis te sluiten over het regionale beleid. Het Verdrag was vervolgens duidelijk: regionale overheden krijgen een eigen, legitieme plek binnen het Europese stelsel van besluitvorming over ‘de regels en de pegels’, die in het Europese beleid een rol spelen. Het toen nog bestaande regionale economische beleid in de lidstaten, werd verplicht overgeheveld naar de Europese interne markt.

Knol vorige week op LinkedIn: “Regio’s weten het beste waar economische kansen liggen, waar bereikbaarheid knelt, waar leefbaarheid onder druk staat en waar investeringen daadwerkelijk effect hebben. Kortom: wie wil dat Europese middelen landen waar ze het meeste effect hebben, moet de regio niet passeren, maar juist positioneren.”

Hij verklapt tegelijk een nieuwtje. De Commissie is inmiddels bezig water bij de eigen wijn te doen. “Fitto gaf aan dat er een artikel zal worden toegevoegd aan het nieuwe cohesiebeleid, waarin de Commissie aangeeft de structuur van de lidstaten te accepteren.” Mooi voor een federaal georganiseerd land als Duitsland, maar een groot risico voor de regio’s in meer gecentraliseerde landen als Nederland.


De Friese gedeputeerde is er dus niet gerust op. Hij krijgt ondertussen een stevige bondgenoot in deze strijd van de regio’s. In de resolutie van het Europees Parlement worden de zaken helder omschreven. De voorgestelde opzet van de Commissie lijkt als twee druppels water op de wijze waarop in de afgelopen jaren de extra miljarden voor het zogenaamde Herstelfonds na de coronacrisis zijn verdeeld. Daar werd de besteding van het geld in overleg met de nationale overheden in de lidstaten geregeld.

Nederland was in dat stelsel het slechtste jongetje van de klas. Het was de laatste lidstaat die in Brussel een plan voor de besteding van rond 5 miljard euro indiende. Een zwaar bureaucratisch systeem, zo is in de praktijk gebleken.

Perpignan, Frans Catalonië, een regio apart, die zich ook zo profileert en derhalve qua profilering schuurt tegen het Franse unitaire denken.

Foto: © Peter-Vincent Schuld

Het Europees Parlement voelt er niets voor dit systeem nu over te nemen in de nieuwe meerjarenbegroting. Dat wordt ‘renationalisatie’ genoemd. De door de Commissie beoogde vereenvoudiging, door alle Europese subsidieprogramma’s op één hoop te gooien en in nationale porties bij regeringen van de lidstaten neer te leggen, vindt geen genade in de ogen van de parlementariërs. De resolutie, zoals die nu luidt: “Regionale en stedelijke overheden behoren volledig betrokken te worden bij de planning en de uitvoering van het regionale beleid.”

De parlementaire resolutie spreekt wel steun uit voor veranderingen en aanvullingen van het soort projecten dat onderdeel kan zijn van het regionale beleid. Zo worden in het huidige tijdsgewricht projecten voor een sterkere Europese defensie, voor innovatie en voor de energie-transitie nadrukkelijk opgenomen in de lijst van mogelijkheden.

Maar alles staat pas vast, wanneer de Europese Raad eind dit jaar of in de loop van 2027 over alles een beslissing heeft genomen.